Structuur
Theorie
Een onderneming zal een organisatiestructuur kiezen, die het beste bij haar past. Past in de omgeving waarin het bedrijf opereert, bij de business van het bedrijf en bij de gekozen strategie. Mintzberg maakte een opdeling waarbij hij onder meer keek naar de grootte van de organisatie (groot of klein), de markt waarin het bedrijf opereert (dynamisch of statisch) en de producten en diensten van een bedrijf (kennis-intensief of routinewerk). Elke combinatie leidt tot een eigen organisatiestructuur. Een klein bedrijf zal bijvoorbeeld een weinig formele structuur hebben, terwijl een groot routinematig bedrijf juist om een formele structuur met een hierarchische gezagsstructuur vraagt. En hoe dynamischer de markt, hoe decentraler de beslissingsbevoegdheden zullen komen te liggen.
Wat moet ik onthouden?
De structuur van een organisatie is een goede verklaring waarom dingen wel of niet werken. Een bedrijf dat in een turbulente omgeving zaken doet, redt het niet in een formele, hierarchische organisatievorm. De markt vraagt steeds om nieuwe, andere dienstverlening; een gestandaardiseerd proces kan dat niet aan. Als de strategie van een bedrijf bepaald is, is de indeling van Mintzberg een handig hulpmiddel om de organisatie in te richten.
Wat kan ik vergeten?
Een organisatiestructuur is vooral een mooi plaatje op papier. In werkelijkheid zijn veel factoren van belang, met als gemeenschappelijke deler: de mens. Hoe een organisatie ook is ingericht, altijd zijn er bedrijven die goed scoren met een belabberde structuur en omgekeerd. Eenmaal ergens ingepast in een structuur, kan een manager weinig anders doen om daar het beste van te maken.
Aanbevolen literatuur
R.C. Daft, Organisatie theorie en ontwerp, Bestel nu
Andere managementthema's:
Besturing
Communicatie
Cultuur
Kwaliteit
Motivatie
Strategie
Structuur
Terug naar de vorige pagina
|